Login  Klant   Kandidaat  
Nieuwevacature.nl

Competenties

NieuweVacature.nl bied jou een breed overzicht van alle competenties en de daarbij behorende vaardigheden.

Aansturen
• Voorziet anderen van heldere instructies en richtlijnen.
• Past leiderschapsstijl aan aan de situatie of het individu.
• Geeft heldere opdrachten en aanwijzingen
• Verdeelt uitvoerende taken, zorgt voor planningen en deadlines
• Grijpt tijdig in in geval van problemen en neemt adequate actie bij onvoldoende voortgang

Analytisch vermogen
• Is in staat een probleem, een situatie of een proces te ontleden in componenten en begrijpt de herkomst en samenhang hiervan.
• Stelt gerichte vragen aan de gesprekspartner om een situatie of een probleem helder te krijgen.
• Ordent verzamelde informatie om tot inzicht in een probleem te komen.
• Maakt in de verzamelde informatie een onderscheid tussen feiten en meningen.
• Herkent uit een veelheid van informatie de essentiële zaken.
• Stelt in een gesprek gerichte vragen om de mogelijke oorzaken van een probleem te achterhalen.

Besluitvaardigheid
• 
Neemt besluiten, ook wanneer zaken onzeker zijn of risico’s inhouden.
• Neemt pas besluit als de gevolgen en risico’s aan hem bekend zijn.
• Durft impopulaire besluiten te nemen.
• Blijft openstaan voor heroverweging van belangrijke besluiten, maar uitsluitend op basis van essentiële nieuwe informatie of ontwikkelingen.
• Weet wanneer het tijd is voor besluitvorming, ook al zijn risico’s niet te vermijden.

Betrokkenheid
• 
Stelt hoge eisen aan het eigen werk en handelt ernaar ook richting interne en externe klant.
• Richt zich daarbij de behoeften, prioriteiten en doelen van de organisatie.
• Gaat voor de klant, collega’s en beslissingen die door de organisatie genomen zijn.
• Praat over ´wij´ in plaats van over ´zij´ als het over de eigen organisatie gaat.
• Zet zich in om de doelen van zijn/haar eenheid/afdeling te realiseren ook al zou hij/zij zelf andere doelen voorrang geven.

Coachen en ontwikkelen
• 
Is in staat anderen te helpen hun capaciteiten te vergroten, hun mogelijkheden optimaal te benutten of alternatieve ontwikkelingsmogelijkheden te herkennen.
• Wijst medewerkers/collega’s regelmatig op mogelijkheden om tot betere resultaten in het werk te komen en stimuleert hen hierin
• Geeft in duidelijke en opbouwende feedback aan in hoeverre geleverde prestaties van medewerkers/collega’s voldoen aan de eisen en waar verbetering is gewenst
• Geeft ruimte en steun aan degene die nieuwe dingen wil oppakken
• Helpt medewerkers hun inzicht te vergroten in eigen sterke en zwakke kanten

Collegialiteit
• 
Levert een positieve bijdrage aan de (werk) sfeer op de afdeling en / of de organisatie.
• Is bereid tot overleg en samenwerking.
• Biedt hulp en geeft waar nodig advies.
• Is bereid, waar nodig, werk van collega’s over te nemen.

Conceptueel denken
• 
Begrijpt de relatie tussen verschillende informatie en ziet de bredere context.
• Maakt gebruik van bestaande theorieën en concepten om praktische situaties te begrijpen.
• Creëert nieuwe concepten om complexe informatie uit te leggen.
• Maakt gebruik van een raamwerk om problemen helder te krijgen.
• Herkent overeenkomsten tussen gelijksoortige problemen.
• Maakt gebruik van eerder opgedane inzichten om een nieuwe probleemsituatie in kaart te brengen.

Conflicthantering
• 
Herkent verschillen van mening en gaat hier op effectieve wijze mee om.
• Lost conflicten op door een open discussie en een diplomatieke aanpak.
• Signaleert conflicten en gaat er zelfverzekerd mee om.
• Gaat problemen niet uit de weg en pakt ze tijdig en adequaat aan.
• Begrijpt de redenen voor onenigheid tussen individuen en groepen.
• Neemt persoonlijke verantwoordelijkheid voor het oplossen van een conflict tussen individuen of groepen.

Creativiteit
• 
Komt met oorspronkelijke ideeën en oplossingen.
• Bedenkt nieuwe benaderingen, aanpakken en werkwijzen om zo tot betere resultaten te komen.
• Benadert problemen vanuit nieuwe of onverwachte invalshoeken.
• Voegt elementen toe aan andere zienswijzen.
• Komt met niet voor de hand liggende voorbeelden uit andere situaties als basis voor een oplossing.
• Denkt los van de heersende orde en regels, is inventief

Delegeren
• 
Delegeert werk aan anderen en maakt daarbij effectief gebruik van hun kennis, vaardigheden en ervaring.
• Voorziet anderen van de nodige middelen en autoriteit om beslissingen en verantwoordelijkheid te kunnen nemen.
• Geeft medewerkers vertrouwen, durft zaken aan ze over te laten
• Geeft duidelijke instructies aan de medewerk(st)er hoe hij/zij het gewenste resultaat kan bereiken en spreekt duidelijk de verwachtingen uit over het gewenste functioneren en het resultaat
• Delegeert verantwoordelijkheden en bijbehorende beslissingsbevoegdheden zodat medewerkers zelfstandig kunnen handelen

Flexibiliteit
• 
Wijzigt van stijl en aanpak om een bepaald doel te bereiken.
• Staat open voor veranderingen en is bereid zich effectief aan te passen aan nieuwe situaties en manieren van werken.
• Verandert de manier van werken indien blijkt dat het gewenste resultaat niet wordt behaald.
• Geeft het gesprek een andere wending als duidelijk wordt dat het gewenste resultaat niet wordt behaald.
• Hanteert op natuurlijke wijze verschillende stijlen of aanpakken in verschillende situaties om een doel te snel en zeker te bereiken.

Impact
• 
Maakt een vertrouwenwekkende en positieve eerste indruk op anderen en weet deze te handhaven.
• Heeft uitstraling en komt krachtig en geloofwaardig over.
• Maakt gebruik van feiten en concrete argumenten om een boodschap over te brengen.
• Communiceert open en direct, zonder verborgen agenda.
• Stemt zijn/ haar stijl en benadering af op gesprekspartners.
• Komt krachtig en zelfverzekerd over.

Initiatief
• 
Onderneemt passende actie voordat iets wordt gevraagd en voordat omstandigheden tot actie dwingen. • Signaleert kansen en handelt hier actief naar.
• Komt met voorstellen ter verbetering van het eigen werk (proces).
• Kijkt in het eigen werk vooruit en onderneemt zonodig actie.
• Ziet in lange termijn ontwikkelingen (intern en extern) kansen voor de onderneming en onderneemt hierop actie.

Integriteit
• 
Is in staat bij anderen vertrouwen te wekken vanuit de eigen professionaliteit. • Gedraagt zich volgens algemeen aanvaarde sociale en ethische normen.
• Geeft blijk deskundig te zijn binnen het eigen vakgebied.
• Houdt vertrouwelijke informatie voor zich.
• Is consequent in gedrag, waait niet met alle winden mee.
• Helpt anderen op objectieve wijze bij het zoeken naar oplossingen.
• Leeft sociale en ethische normen na en is daarop aanspreekbaar

(Interpersoonlijke) sensitiviteit
• Toont, door middel van concreet gedrag, open te staan voor gevoelens, houding en motivaties van anderen.
• Laat merken naar de gesprekspartner te luisteren door de ander aan te kijken, samenvattingen te geven, vragen te stellen, etc.
• Moedigt de gesprekspartner aan om zijn/haar verhaal of standpunt naar voren te brengen, ook als dit afwijkt van de eigen of gangbare mening.
• Weerspiegelt in de eigen houding de boodschap, de toon en de houding van de gesprekspartner.
• Merkt op dat iemand zich anders gedraagt dan gewoonlijk en gaat daarover een gesprek aan.

Klantgerichtheid
• Laat zien vanuit het perspectief van de klant/gebruiker te denken en te handelen; speelt in op wensen en problemen van de klant/gebruiker.
• Geeft de klant/gebruiker voldoende ruimte om zijn verhaal (wensen, problemen, klachten) te doen: luistert naar de klant, vraagt niet nogmaals dezelfde informatie.
• Vertaalt het probleem of de wens van de klant/gebruiker in een passende oplossing.
• Neemt een klacht, probleem of wens van een klant/gebruiker serieus.
• Onderhoudt een relatie met de klant/gebruiker door regelmatig contact te zoeken.

Kostenbewust handelen
• Houdt bewust rekening met zowel de kosten als de baten van activiteiten en beslissingen. • Richt het denken en handelen op optimale benutting van tijd, geld en middelen.
• Houdt bij acties in het werk rekening met de kosten ervan.
• Zoekt in het eigen werk naar mogelijkheden om kosten te besparen.
• Gaat in het werk zuinig om met materialen en hulpmiddelen.
• Maakt tijdens de werkvoorbereiding regelmatig de afweging tussen kosten en baten.

Kwaliteitsgerichtheid
• 
Stelt hoge eisen aan de kwaliteit van geleverde prestaties; streeft naar voortdurende verbetering van doelstellingen, processen en resultaten.
• Voert een over all controle uit voordat het werk wordt opgeleverd.
• Kiest bij keuzes voor kwaliteit.
• Controleert op vaste punten in de voortgang van het werk de geleverde kwaliteit.
• Is zich voortdurend bewust van de in het werk geëiste kwaliteit.

Leiderschap (normgedrag)
• 
Is in staat de richting waarin de organisatie zal gaan en de doelen die worden nagestreefd op een aansprekende wijze over te brengen.
• Brengt op inspirerende wijze de groepsdoelstellingen aan anderen over Maakt betrokkenen duidelijk hoe hun werkzaamheden passen binnen de doelstellingen van de onderneming
• Leidt anderen bij het maken van keuzes, rekening houden met de doelstellingen van de onderneming
• Maakt aan anderen duidelijk hoe de uitgezette koers (van de afdeling, bedrijfsonderdeel, etc.) past binnen de doelstellingen van de onderneming

Marktgerichtheid
• 
Onderkent en signaleert mogelijkheden in de markt, zowel voor bestaande als nieuwe producten en diensten en neemt zelf actie om deze te beïnvloeden; neemt zo nodig verantwoorde risico's.
• Biedt de klant substantiële aanvullingen op de oorspronkelijk gevraagde oplossing.
• Maakt de klant enthousiast voor nieuwe producten of diensten.
• Maakt de klant bewust van behoeften en draagt een oplossing aan.
• Breidt het portfolio uit met producten die bij uitstek aansluiten bij de marktpositie.

Mondelinge Communicatie
• 
Structureert ideeën en informatie en brengt ze mondeling in correct Nederlands tactvol en effectief over zodat de essentie bij anderen overkomt en wordt begrepen.
• Stelt zich open voor een gesprek; luistert, stelt vragen, interpreteert (non-) verbale signalen.
• Maakt in heldere en bondige bewoordingen aan anderen duidelijk wat de inhoud van de boodschap is.
• Gebruikt taal die aansluit bij (aard en niveau van) de doelgroep.
• Stelt relevante vragen en vraagt na of hij/zij de ander goed begrepen heeft.
• Luistert en laat de ander uitpraten.

Nauwkeurigheid
• Herkent de relevantie van aan het werk verbonden details; weet daar op accurate en verantwoordelijke wijze mee om te gaan.
• Controleert het eigen werk zorgvuldig en volledig.
• Vindt in de eigen werksituatie fouten die door anderen in een voorgaande fase over het hoofd zijn gezien.
• Handelt ook routinematige werkzaamheden met voldoende aandacht en zorgvuldigheid af.
• Maakt waar mogelijk gebruik van checklisten om er zeker van te zijn dat er geen fouten of onachtzaamheden onontdekt blijven.

Netwerken
• 
Legt en onderhoudt contacten met anderen die op korte of lange termijn nuttig kunnen zijn voor het verkrijgen van informatie of het behalen van doelen en resultaten.
• Legt contacten met personen die in de toekomst mogelijk nuttig kunnen zijn.
• Legt en onderhoudt contacten door anderen informatie te geven, met hen mee te denken of hen anderszins te helpen.
• Weet contacten levend te houden door zichzelf te profileren d.m.v. presentaties, publicaties, etc.

Omgevingsbewustzijn
• 
Toont alert te zijn op maatschappelijke en technologische ontwikkelingen en vertaalt deze naar de invloed die zij op de organisatie en/of de business hebben.
• Volgt in de vakliteratuur de maatschappelijke en technologische ontwikkelingen die raken aan het eigen vakgebied of werkterrein.
• Onderbouwt de eigen mening met informatie over relevante externe ontwikkelingen.
• Verwerkt relevante nieuwe kennis op het eigen vakgebied tot concrete veranderingen of aanpassingen in de eigen werkomgeving.
• Wisselt regelmatig meningen en informatie met betrekking tot externe ontwikkelingen uit met andere personen, ook uit andere bedrijfsonderdelen.

Onderhandelen
• 
Herkent doelstellingen van diverse partijen. Onderhandelt over wederzijds acceptabele oplossingen door het sluiten van compromissen en het creëren van win-win-situaties.
• Presenteert en beargumenteert het eigen standpunt op diplomatieke wijze.
• Kan zich inleven in het perspectief van diverse partijen ten aanzien van een probleem of kwestie.
• Ontdekt en benoemt gemeenschappelijke doelen.
• Onderzoekt diverse mogelijkheden om een probleem of kwestie op te lossen.
• Bereikt voor de organisatie resultaat/acceptabele compromissen zonder relaties te schaden.

Ondernemerschap
• 
Signaleert vanuit de visie van TMG kansen in de markt voor zowel bestaande als nieuwe producten/diensten en speelt hierop in om zakelijk voordeel te behalen.
• Durft risico’s te nemen.
• Speelt in op verschuivingen van wensen van (interne) klanten en situatie van de markt.
• Onderbouwt voorstellen in termen van investeringen, kosten en opbrengsten.
• Komt met / realiseert verbeteringen of vernieuwingen die door de markt zijn ingegeven.

Oordeelsvorming
• 
Komt tot het juiste oordeel door alle beschikbare informatie en alternatieven in ogenschouw te nemen. • Onderbouwt beslissingen met heldere en rationele argumenten.
• Weet de operationele aspecten te vertalen in criteria voor het beoordelen van de alternatieven.
• Benoemt van een gekozen alternatief de voor- en nadelen.
• Spreekt op basis van beschikbare informatie, een beargumenteerde voorkeur uit voor één van verscheidene alternati

Organisatie inzicht
• 
Herkent en begrijpt de samenhang binnen een organisatie en maakt daar bewust gebruik van; houdt rekening met de gevolgen van acties op de eigen organisatie of die van de klant.
• Vindt in de organisatie de relevante personen om werkzaamheden voor elkaar te krijgen.
• Onderscheidt de formele van de informele organisatie.
• Kent en benut de informele kanalen om op effectieve en efficiënte wijze bedrijfsdoelen te realiseren.
• Weet waar de grenzen van de operationele mogelijkheden van de organisatie liggen.

Organiserend vermogen
• 
Heeft goed overzicht van wat nodig is aan mensen en middelen om een doel te bereiken; weet mensen en middelen te mobiliseren en doelgericht in te zetten.
• Organiseert en regelt zaken binnen een bepaalde tijd:
• Handelt op eigen initiatief, binnen het kader van een algemene opdracht.
• Bepaalt de benodigde middelen om het resultaat te behalen.
• Zoekt naar optimale inzet van mensen en middelen, toetst alternatieven aan de gegeven randvoorwaarden.
• Bewaakt de voortgang en onderneemt bij onverwachte gebeurtenissen passende actie.

Organiseren van veranderingen
• 
Implementeert en volgt veranderingen op de werkplek.
• Onderbouwt initiatieven tot verandering met duidelijke beweegredenen en is bereid in te gaan op kritiek zodat er draagvlak bij medewerkers ontstaat.
• Geeft een heldere uitleg van de redenen om te veranderen
• Implementeert en ondersteunt initiatieven tot verandering op de werkplek
• Creëert een gevoel van noodzaak tot verandering en richt de acties op het mobiliseren van anderen hiertoe
• Gaat op effectieve wijze om met weerstand en kritiek in veranderingssituaties

Overtuigen
• 
Is in staat ideeën en plannen zo aan anderen te presenteren dat zij hierin mee gaan door hun standpunt te wijzigen en/of hun activiteiten aan te passen.
• Verdedigt een standpunt met een geloofwaardig enthousiasme.
• Benadrukt in een plan voor verschillende partijen het gemeenschappelijke belang.
• Anticipeert op weerstand, door bij het presenteren van ideeën die weerstand te benoemen.
• Sluit bij het formuleren van een standpunt aan bij de verschillende belangen en onderlinge verhoudingen binnen de organisatie.

Planmatig werken
• 
Zorgt voor een gestructureerde aanpak van het werk. • Stelt procedures op en bewaakt deze om de voortgang zeker te stellen.
• Toetst voortgang regelmatig aan te behalen resultaat.
• Brengt gestructureerd de eigen capaciteit en middelen in beeld voor het realiseren van het werk.
• Deelt het werk zodanig in dat het zich leent voor planning en voortgangsbewaking.
• Beseft de gevolgen voor het werk van anderen als de eigen taak niet tijdig wordt afgerond, brengt anderen tijdig op de hoogte van verstoringen.
• Lost kleine verstoringen in het eigen werk op en stelt oplossingen voor bij ernstige verstoringen.

Realisatievermogen
• 
Houdt vast aan een bepaald actieplan of opvatting totdat het beoogde doel bereikt is of redelijkerwijze niet meer bereikbaar is. • Voegt zich hierbij naar het beleid en procedures van de organisatie.
• Werkt aan de uitvoering van een actieplan totdat het doel bereikt is.
• Draagt eigen mening en werkwijze uit, ook in geval van weerstand.
• Laat zich niet weerhouden door kritiek of weerstanden om oorspronkelijk doel te bereiken.
• Laat zich niet leiden door emoties.

Resultaatgerichtheid
• 
Is actief gericht op het realiseren van doelstellingen en resultaten; levert op doelgerichte werkwijze een goede bijdrage aan afspraken en resultaten. • Is daarbij gemotiveerd, gedreven en vasthoudend.
• Maakt concrete afspraken met anderen over taken en verantwoordelijkheden.
• Zet een duidelijke lijn uit, maakt daarbij efficiënt gebruik van de beschikbare tijd.
• Houdt vast aan de eigen doelstelling, ook bij weerstand of tegenslag

Samenwerken
• 
Zoekt samenwerking met anderen en levert een actieve bijdrage in het formuleren en behalen van gemeenschappelijke doelen.
• Toont binnen een team actief interesse voor ieders standpunt/visie.
• Deelt relevante informatie en ervaringen met anderen in het team.
• Houdt rekening met de gevolgen die individuele acties voor anderen binnen het team kunnen hebben.
• Geeft teamleden de ruimte voor het leveren van hun toegevoegde waarde, respecteert het oordeel van specialisten in hun vakgebied.

Schriftelijke Communicatie
• 
Communiceert schriftelijke informatie op heldere, beknopte en eenduidige wijze. • Structureert geschreven stukken zodanig dat het de aandacht van de lezer houdt. 
• Gebruikt taal die aansluit bij (aard en niveau van) de doelgroep.
• Maakt gebruik van begrijpelijke voorbeelden en illustraties om een verhaal te verduidelijken.
• Kan zich schriftelijk kort, bondig en duidelijk uitdrukken.
• Weet gesprekken, vergaderingen en dergelijke kort en duidelijk vast te leggen.

Stresstolerantie
• Blijft presteren onder druk en blijft daarbij kalm en objectief.
• Blijft onder grote tijdsdruk eigen werk snel en nauwkeurig afhandelen.
• Blijft onder druk oog hebben voor de consequenties van eigen ideeën en standpunten.
• Neemt de nodige ruimte voor adequate besluitvorming, ondanks toenemende druk van verschillende kanten.
• Blijft aanspreekbaar onder verhoogde werkdruk.


Teambuilding
• Grijpt tijdig in in geval van problemen en neemt adequate actie bij onvoldoende voortgang
• Structureert de uitwisseling van informatie, kennis en ervaring tussen personen
• Stimuleert personen om gebruik te maken van de expertise van anderen en het ter beschikking stellen van de eigen expertise
• Stimuleert personen om het gemeenschappelijke doel voorop te stellen en de eigen inbreng daaraan aan te passen
• Laat teamleden waar mogelijk elkaar aanspreken en met elkaar overleggen

Veranderingsgericht
• 
Goed blijven functioneren onder veranderende omstandigheden en effectief inspelen hierop. • Wijzigt aanpak om een bepaald doel te bereiken.
• Past de werkwijze aan bij veranderingen of past aanpak aan als deze niet tot gewenst resultaat leiden.
• Implementeert en ondersteunt initiatieven tot verandering op de werkplek.
• Hanteert op natuurlijke wijze verschillende stijlen of aanpakken in verschillende situaties om een doel te snel en zeker te bereiken.
• Kan in het eigen werk snel overschakelen naar een andere taak.

Verantwoordelijkheid
• 
Aanvaardt de risico's en neemt de consequenties van gemaakte afspraken.
• Geeft noch anderen, noch de omstandigheden de schuld wanneer doelen niet worden bereikt.
• Neemt de verantwoordelijkheid voor persoonlijke toezeggingen t.a.v. op te leveren werk.
• Zorgt voor het nakomen van aan afspraken, ook als de consequenties ongunstiger uitpakken dan was voorzien.
• Komt zelf met een oplossing om de consequenties van het niet nakomen van een afspraak op te vangen.
• Maakt realistische afspraken op basis van eigen kunnen en invloed, dekt zich niet vooraf in voor eventuele verstoringen bij het maken van afspraken.
• Houdt zich aan afspraken, ook wanneer er persoonlijke consequenties aan verbonden zijn.

Vertrouwen opbouwen
• Is in staat bij anderen vertrouwen te wekken vanuit de eigen professionaliteit.
• Geeft blijk deskundig te zijn binnen het eigen vakgebied.
• Houdt vertrouwelijke informatie voor zich.
• Is consequent in gedrag, waait niet met alle winden mee.
• Helpt anderen op objectieve wijze bij het zoeken naar oplossingen.

Visie ontwikkelen en strategisch denken
• 
Is in staat de richting aan te geven waarin (een deel van) de onderneming zal gaan. Kan de daar uit voortvloeiende lange termijn doelstellingen formuleren.
• Formuleert strategieën en benaderingswijzen om de visie en doelstellingen van de organisatie te realiseren.
• Kan afstand nemen van de korte termijn problemen en dagelijkse praktijk om zich te richten op lange termijn issues, heeft een breed perspectief.
• Vertaalt ondernemingsdoelstellingen in een koers voor het eigen bedrijfsonderdeel of aandachtsgebied.
• Brengt een complexe situatie terug tot de kern teneinde strategische doelen et bereiken en vertaalt dit in een helder stappenplan.
• Zet - in overeenstemming met de visie en koers van de onderneming - voor het eigen bedrijfsonderdeel, afdeling of aandachtsgebeid de richting uit om langere termijn doelstellingen te behalen
• Anticipeert op mogelijke toekomstige obstakels en bouwt ruimte in om te manoeuvreren.

Zelfontwikkeling en ambitie
• 
Vertoont gedrag dat erop gericht is om persoonlijk te ontwikkelen of grenzen te verleggen. • Heeft inzicht in eigen sterktes en zwaktes.
• Neemt acties om eigen kennis, vaardigheden en competenties te vergroten/verbeteren.
• Werkt zich graag in nieuwe materie in.
• Pakt feedback op en doet er wat mee.
• Stelt hoge eisen aan het eigen werk en de eigen ontwikkeling, legt de lat hoog voor zichzelf.
• Past opgedane inzichten en kennis voortvarend in de praktijk toe.

Zelfstandigheid
• 
Onderneemt acties die gebaseerd zijn op eigen overtuiging. • Vaart een eigen koers. Functioneert zonder hulp van anderen.
• Draagt een eigen mening uit en handelt daar naar.
• Spreekt zich uit wanneer iemand een beslissing neemt waar hij/zij het niet mee eens is.
• Neemt verantwoordelijkheid.
• Rondt taken en projecten op tijd af zonder begeleiding.
• Kan binnen verantwoorde grenzen zelfstandig beslissingen nemen.

Nieuwe vacatures
Network & Search
Den Haag and Amsterdam
Network & Search
Burgum- De Lauwers
Agile People
Utrecht
RSS

Bedrijfspresentaties

 

 

Bookmark and Share faq   |   algemene voorwaarden   |   privacy verklaring   |   Powered by